Aanpak van voortijdig schoolverlaten
Gemeenten en onderwijsinstellingen in de regio Utrecht willen het aantal voortijdig schoolverlaters verder terugdringen en gezamenlijk zorgen dat meer jongeren een goede start op de arbeidsmarkt maken.
Er is nadrukkelijk gekozen voor de RMC-regio als speelveld voor de aanpak van het voortijdig schoolverlaten.
Samenwerking is nodig omdat voortijdig schoolverlaten geen probleem van het onderwijs alleen is.
Het is een maatschappelijk vraagstuk dat in samenhang met andere beleidsterreinen als zorg en arbeid moet worden opgepakt. De regio heeft speciale voorzieningen, zoals de Utrechtse School en het praktijkonderwijs,om jongeren met een grotere onderwijszorgbehoefte passend onderwijs of werk te bieden. De verwachting van het kabinet is dat met de invoering van Passend onderwijs, de wet Werken naar vermogen en de decentralisatie van de jeugdzorg op school- en lokaal niveau meer mogelijkheden zijn om jongeren vroeg en goed te helpen. Maatregelen om voortijdige schooluitval te voorkomen en uitvallers te begeleiden moeten vanuit dit brede perspectief worden ingezet. Bundelen van kracht, kennis en middelen helpt om de aanpak in de regio te versterken en tot meer resultaat te komen.
De cijfers laten zien dat de uitval in RMC-regio Utrecht zich concentreert in het MBO. Dat komt overeen met het landelijke beeld. Landelijk stroomt 75% van het aantalnieuwe vsv-ers in 2009-2010 uit op het MBO. Dat wil niet zeggen dat er in het VO geen investeringen nodig zijn. Het VO heeft immers een belangrijke rol in de voorbereiding van jongeren op de overstap en in het terugdringen van risico’s op uitval in deze periode.
De focus in schooljaar 2011-2012 ligt in RMC regio Utrecht op
• 40% reductie van het aantal nieuwe vsv-ers
1. registratie op orde: verzuim en uitval 100% in beeld
2. kwaliteit aan de basis: professionalisering van leerplicht/RMC
3. zorg in en om de school: begeleiding en opvang, signaleren en doorverwijzen
4. soepele overgang: van school naar school, van school naar werk, van werk naar school
5. monitoring: cijfers en resultaten in beeld
• professionele en resultaatgerichte regionale samenwerking
6. wie doet wat: helderheid over processen, rollen en verantwoordelijkheden
Onderwijs en wetgeving
- 4
- 5
- 12
- 14
- 16
- 17
- 18
- 19
- 23jaar
- Basis onderwijs
- Voortgezet onderwijs
- MBO
Een startkwalificatie is het minimale onderwijsniveau dat nodig is om serieus kans
te maken op duurzaam geschoold werk. Een diploma op VWO-, HAVO- en MBO niveau 2 is een startkwalificatie.
Jongeren tussen 18 en 23 jaar zonder startkwalificatie vallen onder de Regionale
Meld- en Coördinatiefunctie (RMC). Gemeenten in samenwerking met scholen hebben de taak om deze jongeren te begeleiden naar onderwijs en/of werk.
De kwalificatieplicht gaat in wanneer de volledige leerplicht is beëindigd. Een jongere is volledig leerplichtig tot en met het schooljaar waarin hij 16 jaar wordt. Daarna gaat de kwalificatieplicht gelden. De kwalificatieplicht geldt tot het moment dat de jongere 18 jaar wordt, of daarvóór een diploma op havo, vwo of mbo niveau-2 heeft behaald.
Alle leerlingen blijven volledig leerplichtig tot het einde van het schooljaar waarin ze zestien jaar worden.